Rugby Mum – Tuttebel

  -   Column
Het wel en wee van een rugbymoeder. Periodiek schrijft de moeder van een HRC-jeugdspeler over haar belevenissen rondom de favoriete sport van haar zoon.

Vaak heb ik mij afgevraagd of het wel een goed idee zou zijn om mee te gaan op trip; ik blijf toch een beetje de tuttebel tussen die testosteron bommetjes. Maar bij de GTBM vond de rest van de leiding een vrouwelijke touch (lees: eten aanslepen voor een zwerm sprinkhanen) nog best prima.  En andere ouders (moeders) vonden het geruststellend als er enige ratio mee zou gaan. Ach, mij leek het best leuk om te kijken hoe het er elders aan toe zou gaan, dus voor ik het wist was ik een koffertje aan het pakken.

Om er voor te zorgen dat ik niet al in de bus spijt zou krijgen, reed ik doorgaans rustig met mijn eigen bolide (volgestouwd met voer) achter de troep aan en checkte ik vooral niet in in de lokale jeugdherberg die onze spelers de komende dagen onveilig zouden gaan maken.

Dat nam niet weg dat ik dat ik natuurlijk mijn deel van wachtlopen, kattenkwaad, hondenstreken en trouble shooting voor de kiezen kreeg. Zoals die keer dat de uitbater van de jeugdherberg het een goed idee had gevonden om onze mannen en een groep Amerikaanse meisjes om en om op één gang in te delen en de chaperonne van deze “ladies” volledig uit haar plaat ging. Of toen een paar – van nature al redelijk hyper – spelertjes probeerden wat het effect zou zijn van verpulverde druivensuiker snuiven….

Dat was echter nog niets vergeleken met de laatste horde. Als alles eenmaal gesust was, het spul eindelijk op een oor lag en de wallen onder mijn ogen inmiddels zorgelijk donker en zeer zichtbaar waren, kwam in het holst van de nacht nog de kick back van de rest van de staff: “Jaaaaaaaa, ze slapen we gaan ze nu uit bed halen”, “Voor straf morgen kattenvoer en een tutu”, “Zullen wij ook eens bij de Amerikaanse girls gaan kijken?”, “Gaan we nog even de stad in?”. Dat was meestal één stap te ver voor de tuttebel die ik een dag lang manmoedig had onderdrukt. “Zijn jullie nu helemaal?!”  En daarmee hadden ze me dan precies waar ze me hebben wilden: op de kast.

Sinds mijn kind is toegetreden tot de CJC – waar er in alle opzichten een schepje bovenop gaat – staat mijn tripkoffertje – heel verstandig – te verstoffen in de kelder.

Wees voorzichtig en tackle hard,

Liefs,
Mum

Deel dit artikel:    
 
 
© 2019 Haagsche Rugby Club