Rugby Mum – Harige beestjes

  -   Column
Het wel en wee van een rugbymoeder. Periodiek schrijft de moeder van een HRC-jeugdspeler over haar belevenissen rondom de favoriete sport van haar zoon.

Van jongs af aan heb ik wat tegen glibberige beesten. Dat komt (denk ik) van die keer dat er een dode gekko in mijn schoen lag en ik daar pas ná het aantrekken (met blote voeten) achter kwam. Ook al die keren dat ik zo’n zwemvlies-pootje van een kikker uit de kwijlgootjes van onze boxer zag stuiptrekken en aan de slag moest om die glibber uit haar bek te wrikken, hebben vast niet geholpen. 

Niets voor mij, van die gladjakkers. Geef mij maar harige beestjes! Althans, dat dacht ik…. Inmiddels heb ik mijn mening nog wat verder bijgesteld. Ook van harige beesten ben ik zeker niet altijd fan. Deels wist ik dat natuurlijk al – jakkes, zo’n grote Trantula met harige poten – maar ik toen ik ons kind laatst afzette op de club, heb ik nog een soort aan mijn “no-go lijst” toegevoegd. 

Het was mooi weer én we hebben wat meer bewegingsvrijheid van Rutte gekregen, dus ik wilde mijzelf tijdens zijn training trakteren op een rondje Waalsdorpervlakte. Toen ik mijn sportschoenen aantrok zag ik uit een ooghoek in een van de bomen op de parkeerplaats een wat vreemde grijzige vlek. Bij nadere inspectie (met bril) bleek dat een flinke dot Eikenprocessierupsen te zijn. Je weet wel, die met die nare (brand)haren. 

Er is al een afzetlint opgehangen, maar het leek me verstandig jullie even te waarschuwen voor deze harige beestjes. Ik ben uiteindelijk maar boodschappen gaan doen op het Royaardsplein. (Daar is het meestal lekker rustig) 

Wees voorzichtig en tackle (goed) hard!

Liefs,
Mum

Deel dit artikel:    
 
 
© 2020 Haagsche Rugby Club